Filters voor vol- en halfgelaatsmaskers en aangedreven filtertoestellen
Adembescherming met filters is afhankelijk van de omgevingslucht. Om ademhalingsfilters te gebruiken, moet het type, de eigenschappen en de samenstelling van de gevaarlijke stof in de omgevingslucht bekend zijn. Het zuurstofgehalte in de inademlucht moet tenminste 19 Vol.% zijn. Bij toepassing van deeltjesfilters mogen er geen gevaarlijke gassen aanwezig zijn. Bij het gebruik van gasfilters mogen er geen gevaarlijke deeltjes aanwezig zijn. In geval van twijfel moet er altijd een geschikte combinatiefilter worden gebruikt. Zie ook onze filterkeuzehandleiding.